1904: Tienjarig bestaan van de Normalistengilde
Verleden donderdag vierde de Gilde der Normalisten, zonder vertoon doch geestdrift, de verjaring van haar tienjarig bestaan.
Om 9 ure werd in haar lokaal, de Congregatie der jongelingen, door de Eerw. Heer Van den Berghe, bijgestaan door de Eerw. Heeren A. De Smet, Th. Praet, Od. Hanssens en L. Patanier, eereleden der gilde, eene plechtige dankmis opgedragen.
Alle leden en talrijke eere-leden, van alle deelen der provincie, waren opgekomen. De gilde der Waassche Studenten woonde ook de plechtigheid bij.
Om 10 ure had eene feestvergadering plaats. In eene weldoordachte rede, die het nederige en tevens het geestdriftige streven naar het doel der gilde: 'Het Kind voor Vlaanderen en Christus' deed uitkomen; heette de heer Fr. Vydt, voorzitter, allen welkom.
Dan vertelde de heer P. Pauwels, op eene humoristische wijze, de lotgevallen van het gildeleven gedurende dit kort tijdbestek en de heer H. Heyman, eindigde de feestzitting met eene bloedvolle gelegenheidsrede, waarin hij bewees dat de gilde veel bijgedragen heeft tot de eigene vorming waarvan de Normaalschool van Sint-Niklaas, zoo zorgzaam den hoeksteen legt en waarvoor hij bovenal den Eerw. Heer Am. Joos, bestierder, de Heeren leeraars waaronder den heer J. De Smedt, leeraar opvoedkunde, in het bijzonder, dank wijdt. Nu sloot de Voorzitter de vergadeering met haar gewoon gebed, het teeken des H. Kruises.
Om 1 ure kwamen allen op het noenmaal, dat ferm opgedischt en afgewisseld door muziek, zang, welgepaste en talrijke toasten, de moeilijksten tevreden stelde.
Deze heuglijke dag eindigde met een luisterrijk avondfeest. Buiten de puik opgevoerde stukken door de Symphonie, de kluchtzangen en alleenspraken, deed het kleine maar hertroerende drama: 'Het Communiekantje', van Aug. Cappens, pr. menigen traan aan de oogen ontrollen en werden de lachspieren fel in beweging gebracht door de kluchtspelen 'Gefopt!' door P. Van Gaver, een 'Twee uren Herbergier' door J. Van Vlierberghe.
Het algemeen gejuich en 't zingen van den Vlaamschen Leeuw, sloten dit opwekkende feest onder 't drinken van een lekker potje bruinen en 't zoo gezellige samen zijn.
(Uit 'Het Land van Waas', Nieuws en annonceblad, 18.09.1904)
